woensdag, 24 maart 2010 (11:22)
Heineken, Grolsch en Bavaria vechten in een hoger beroep een boete van 274 miljoen euro aan die de Europese Commissie hen heeft opgelegd vanwege vermeende prijsafspraken.
Volgens de EC hebben de brouwers prijsafspraken gemaakt in de periode van 27 februari 1996 tot en met 3 november 1999. Het hoger beroep vindt plaats voor het Europese Hof in Luxemburg. Ingewijden denken dat de uitspraak van de rechter nog wel een jaar op zich kanlaten wachten, meldt De Telegraaf. De NMa legde Heineken met 219 miljoen de grootste boete op, gevolgd door Grolsch (31 miljoen euro) en Bavaria (22 miljoen euro). Inbev, die ook meedeed met het maken van prijsafspraken, kreeg geen bierboete omdat het heeft meegewerkt aan het onderzoek.
Afspraken
De NMa rapporteert dat diverse medewerkers van de brouwers in de hierboven genoemde periode elkaar regelmatig ontmoetten in het Holiday Inn in Utrecht, Kasteel Maurick in Vught en restaurant De Hoefslag in Bosch & Duin. Daar maakten zij afspraken over de bierprijzen voor de horeca en supermarkten. Ook kwamen ze overeen dat er niet te veel wisselingen in de horeca (van de ene naar de andere brouwer) mochten plaatsvinden.
Bewijs
Meteen na de uitspaak werd duidelijk dat de brouwers zich hier niet bij zouden neerleggen. Volgens de brouwers zou er onvoldoende bewijs zijn voor de prijsafspraken. Daarnaast vinden ze onder meer dat het onderzoek te lang (7 jaar) heeft geduurd en dat de zoektocht naar de waarheid niet zorgvuldig en onpartijdig is geweest. (Bron: Telegraaf/Distrifood
2 Reacties • Categorie:
Consument & Trends